ALKOOF

De alkoof is een plek waarover ik niet zo vaak schrijf. Deze gebogen wal, bijna achterin de tuin, is als een beschermend steuntje in de rug voor het zitje onder de constructie waarlangs twee ramblers groeien. En hij schermt het zicht af op het tulpenlaantje helemaal aan het eind van de tuin, zodat dat niet van ver al te zien is. Ik vind de alkoof soms een beetje saai, maar hier zitten als de ramblers bloeien is ‘heaven on earth’, wát een geur! En als ik goed kijk is hier het hele jaar door van alles te zien, al is het niet zo uitbundig.

Er komt hier vrijwel geen zon. De beplanting is eenvoudig: Sesleria caerulea, tongvarens (Phyllitis scolopendrium) en Geranium St. Ola in grote groepen. Ooit verkeerd geleverde wilgen hebben op de wal een plek gekregen. Ik weet niet welke soort het is, ze krijgen geen mooie katjes, dus ze kunnen zonder spijt elke winter worden teruggesnoeid. De nieuwe twijgen zorgen ’s zomers voor een wuivende haag.

Voor een beetje kleur in het voorjaar staat er Primula ‘Harbinger’. In de glooiende wal die altijd wel een beetje vochtig blijft, doen ze het goed. In zomer bloeien hier witte muurleeuwenbekken (Cymbalaria muralis ‘Globosa Alba’).

Om de overgang van de Moonlightborders naar dit tuindeel te begeleiden, heb ik hier een paar jaar terug een enkele wortelstokjes van bosanemonen (Anemone nemerosa) geplant. Die hebben even tijd nodig om te settelen, maar beginnen zich nu goed te vermenigvuldigen. Ook leuk om te zien dat andere primula’s dit wel een lekker plekje vinden, ik vind steeds meer zaailingen, de eerste kleintjes bloeien dit jaar. Ook zie ik dit jaar voor het eerst zaailingen van cyclamen. Dat belooft wat voor de komende jaren!